Afstelling van de achterderailleur
Deze procedure legt uit hoe je de achterderailleur kan afstellen om de ketting vlot te schakelen naar onder en naar boven op de cassette.
Voor deze procedure heb je een kleine schroevendraaier nodig. De ketting, tandwieltjes and kabels moeten zuiver zijn.
Deze procedure geldt voor een bekend merk met een H-verstelschroefje en een L-verstelschroefje. Denk eraan dat deze schroefjes enkel worden gebruikt om de kleinste en de grootste tandwielen uit te lijnen met de derailleur. Ze hebben geen effect op het schakelen tussen de tandwielen. Het schakelmechanism is geïndexeerd en hierdoor zullen de tussenliggende tandwieltjes correct worden aangesproken.
- Zet de fiets op een gemakkelijke werkhoogte zodat u de trapas kan draaien en de versnellingen schakelen. Ga achter de fiets staan zodat u een goed zicht hebt van de achterderailleur.
- Schakel de ketting op het grootste kettingwiel vooraan en op het kleinste tandwieltje achteraan.
- Draai aan het H-schroefje om het geleidewieltje van de derailleur juist onder het kleinste tandwieltje te brengen. Hierdoor zal de ketting niet kunnen vallen tussen het tandwieltje en de frame.
- Schakel de ketting op het grootste tandwieltje and draai aan het L-schroefje om het geleidewieltje van de derailleur juist onder het grootste tandwieltje op de cassette te brengen.
Hierdoor zal de ketting niet kunnen vallen tussen het grootste tandwiel en de spaken.
- Schakel terug naar het kleinste tandwieltje en schakel dan naar het tweede kleinste tandwieltje. Als dit niet vlot gebeurt, draai aan het verstelboutje aan het einde van de kabel om de kabel losser of vaster aan te spannen. Het schakelsysteem is geïndexeerd en dit wil zeggen dat alle tandwieltjes correct aangesproken zullen worden.
- Schakel naar het volgend tandwieltje and controleer dat het schakelen vlot gaat. Stel nog lichtjes bij indien het schakelen niet vlot gaat.
De positie van het geleidewieltje onder de cassette kan ook aangepast worden. Zie de afzonderlijke procedure hiervoor.